Hoofdmenu
Homepage
Kleio
Bestuur
Onderwijs
Activiteiten
Commissies
Contact
Downloads
Aanmelden als VGN lid
Nieuw op de site
Aanmelden nieuwsbrief
Uw naam
Uw e-mail
Nieuwsbrief formaat

Wijzig uw gegevens
 

Kleio pijl Inhoud vorige nummers pijl Kleio inhoud 20012-8-22
Kleio inhoud 2001

Kleio nummer 1, januari 2001
dinsdag, 4 juli 2006
Geschiedenisonderwijs op de schop II 
En nu de praktijk ... 
 Piet de Rooy
                    Het rapport van de commissie historische en maatschappelijke vorming is klaar. Voorafgaand aan de bespreking ervan tijdens de jaarvergadering van de VGN op 24 maart a.s. plaatst de voorzitter van de commissie enkele kanttekeningen.
  
De discussie over de toekomst van het geschiedenisonderwijs kan beginnen. Ook in de VGN: tijdens de algemene ledenvergadering van zaterdag 24 maart a.s. te Nijmegen komen de voorstellen van de commissie uitgebreid aan de orde. Als inleiding daarop vroeg KLEIO de voorzitter van de commissie, prof.dr. P. de Rooy, naar de 'grote lijnen' die zijn commissie heeft gehanteerd.
 
 
 
Kleiogesprek met Peggy Busman, docente geschiedenis op het vmbo
Als farao voor de klas
 Carla van Boxtel
  Peggy Busman werkt als docente tekenen en geschiedenis op de Prinses Ireneschool, vmbo, van het Melanchthon College in Rotterdam. Dit jaar rondt ze haar tweedegraadsopleiding geschiedenis aan de Educatieve Faculteit van de Hogeschool van Utrecht af. Op de opleiding kreeg haar webpagina 'De digitale juf' een prijs. Met haar enthousiasme en creativiteit weet Peggy Busman haar vbo-leerlingen te motiveren voor geschiedenis.
 
 
 
Gordiaantje 1: Het einde van de Tweede Wereldoorlog en de bevrijding van Nederlands-Indië
De verliezer in de race
 Ron Stevens
  Na de capitulatie van Japan in augustus 1945 duurde het nog bijna een maand voordat de eerste Brits-Nederlandse troepen zich in Nederlands-Indië lieten zien. En dat ondanks zo'n politiek explosieve situatie!
  
Het ontstane machtsvacuüm werkte in het voordeel van de Indonesische nationalisten. Uit de stukken blijkt dat Amerikaanse en Britse belangen in het vuur van de strijd voorrang hadden.
 
 
 
'Indië' of 'Indonesië'? 
What's in a name?
 Tom van der Geugten
  Bij het komende examen is het consequent gebruiken van de goede termen extra belangrijk. Slordig omgaan met 'Indië', 'Indo', 'Indiër', Indiaan, Indonesië en Nederlands-Indië maakt het een en ander er voor de leerlingen niet duidelijker op. Wat te doen en waarom? Dit artikel geeft het antwoord.
  
Kun je wel spreken van 'Indonesië' in de historische periode waarin deze naam nog niet bestond? Door het examenonderwerp 'Nederland-Indonesië' vindt discussie over deze vraag nu ook in de geschiedenisles plaats. Als bijdrage aan deze discussie laat dit artikel zien welke begrippen in het verleden en in de moderne geschiedschrijving gebruikt zijn.
 
 
 
In de Gouden Kom: Geschiedenis I op het vwo 
De geschiedenis van de twintigste eeuw in 80 slu
 Elise Storck 
  In deze bijdrage van de Commissie Havo/Vwo vind je tips om in de uiterst beperkte tijd die voor Geschiedenis I is uitgetrokken toch door je stof heen te komen.
  
Nadat de plannen voor het combinatievak Mens- en Maatschappijvakken naar de prullenmand waren verhuisd, is door het ministerie besloten om dit vak op het havo voorlopig te schrappen. Op het vwo werden 120 van de daarvoor gereserveerde 200 studielasturen toegekend aan maatschappijleer en 80 aan de geschiedenis van de twintigste eeuw. Op alle scholen is Geschiedenis I inmiddels een of twee jaar gegeven en naar blijkt niet altijd met onverdeeld genoegen. Hoe ga je om met de schaarse tijd? Hoe voorkom je dat je leerlingen 'oorlogsmoe' worden? 
Elise Storck doet suggesties. Zij heeft als lerarenopleider aan het ICLON in Leiden en als lid van de Commissie Havo/Vwo de nodige geluiden opgevangen over geschiedenis 1 en geeft het vak zelf aan twee 4 vwo-klassen op het Marnixgymnasium in Rotterdam.
 
 
 
Het havo-examen van 2000; getallen en meningen
'Oneerlijk' en 'gemeen'?
 Stefan Boom
  Het havo-eindexamen van het afgelopen jaar is helemaal verkeerd uitgepakt. 
Dat is de conclusie die getrokken moet worden uit de reacties op de VGN-site waar docenten hun frustraties over het examen konden spuien. 
Oneerlijk, gemeen, de slechtste resultaten uit mijn twintigjarige leservaring, 
ik zat met een knoop in mijn buik na te kijken, woedend, die lui die examens 
maken zouden eens een keer.... 
Kortom: hier was iets heel erg mis gegaan.
 
 
 
En verder
           Een nieuwe rubriek in Kleio: Gordiaantjes
  Boek van de maand
  Boeken
  Kleiokrant

In het middenkatern in dit nummer zijn de stukken voor de algemene ledenvergadering van de VGN opgenomen. Deze wordt gehouden op 24 maart a.s. in Museum Het Valkhof Nijmegen en zal deels gewijd zijn aan de bespreking van het rapport van de commissie-De Rooy. De agenda vind je bij de jaarstukken. Geef je tijdig op bij de secretaris van de VGN of via de website!

 
Kleio nummer 2, maart 2001
dinsdag, 4 juli 2006
Actueel
Rumoer rond De Rooy
 Jan van Oudheusden
                    Als inspiratie voor de discussies over het zojuist verschenen rapport van de commissie-De Rooy hier een overzicht van inhoud en meningen.
  
Het rapport-De Rooy - 'Verleden, heden en toekomst' - kwam op 22 februari uit, maar de pers kreeg er al eerder lucht van. Op 8 februari opende de Volkskrant met het bericht 'Feiten weer basis lesstof geschiedenis'. Tot welke reacties leidde dit, en wat staat er echt in het rapport? Voer voor de discussie op de VGN-jaarvergadering van 24 maart in Nijmegen.
 
 
 
Tussen politiek en pedagogiek: het geschiedenisonderwijs in de VS
Voorbeeld in de verte?
 Oscar Lansen
  'Nederland let op!', schrijft de Amerikaanse didacticus en vakdocent als inleiding op zijn verhaal over de bijna onoverkomelijke problemen waarvoor het geschiedenisonderwijs in de VS zich ziet gesteld.
  
Dit artikel gaat in op de malaise in het Amerikaanse geschiedenisonderwijs en bespreekt de vruchteloze pogingen die gedaan zijn om de problemen aan te pakken. Valt het Amerikaanse geschiedenisonderwijs te redden?
Lees en huiver!
 
 
 
Gordiaantje
De jaren zestig geprovoceerd
 Niek Pas
  Nieuwe inzichten en een andere benadering plaatsen de jaren zestig duidelijker in de tijd. Clichébeelden van fenomenen als de provobeweging kunnen hiermee aangepakt worden.
  
De jaren zestig zijn in. Het is natuurlijk de vraag of ze ooit uit onze verbeelding weg zijn geweest. Waarschijnlijk niet. Te oordelen naar de retro-honger van onze maatschappij en de fabelachtige prijzen die tegenwoordig worden betaald voor sixties-gadgets zal de belangstelling de komende jaren alleen maar toenemen. 
Dat geldt ook voor de aandacht die historici schenken aan dit tijdperk.
 
 
 
De Gouden Kom
De terreur van de antwoordbladen
 Greetje de Vries
  Hoe houden we geschiedenis leuk en nuttig?
In het studiehuis staat het zelfstandig werken centraal. De docent staat minder op de voorgrond dan vroeger; hij begeleidt de leerlingen die bezig zijn met hun werk. Een praktische opdracht maken is voor leerlingen een lastige, maar erg belangrijke taak. Maar leerlingen moeten ook hun kennis steeds verder uitbreiden en verdiepen. In veel scholen neemt hierbij de methode een belangrijke plaats in. En dat gebeurt niet alleen bij geschiedenis! Leerlingen besteden vele lesuren aan het bestuderen van hun theorieboek, het maken van opdrachten en het corrigeren van het gemaakte werk. 
Wordt het daardoor niet dodelijk saai op school?

Greetje de Vries, werkzaam in de bovenbouw van het Zernike College in Haren en Groningen, doet verslag van haar poging aan dit probleem het hoofd te bieden.
 
 
 
Boek van de Maand: De verdwijnende hemel
Gesprek met prof.dr. H.W. von der Dunk
 Jan van Oudheusden
  Emeritus-hoogleraar geschiedenis Von der Dunk (1928) leverde onlangs zijn magnum opus af, een project waar hij tien jaar aan werkte; een alomvattende cultuurgeschiedenis van de twintigste eeuw. Het gaat over schilders, componisten, schrijvers; over filosofen, sociologen en natuurwetenschappers; maar ook over film, jeugdbeweging, onderwijshervormingen, sport en de invloed van de media. De emancipatie van onderliggende groepen en de teloorgang van het grote ideaal vormen twee rode draden in zijn werk.
H.W. von der Dunk, 'De verdwijnende hemel. Over de cultuur van Europa in de twintigste eeuw' (Meulenhoff, Amsterdam 2000) 496 + 578 blz.
 
 
 
En verder
           Westerbork portretten: wie helpt er mee?
  Boeken
  Kleiokrant
 
Kleio nummer 3, april/mei 2001
dinsdag, 4 juli 2006
Nederland en het NAVO-dubbelbesluit, 1979 - 1986
Kerngezond met Hollanditis
 Remco van Diepen
                    De vredesbeweging in Nederland beleefde begin jaren tachtig mooie momenten met grote demonstraties in Amsterdam en Den Haag en een volkspetitionnement dat door 3,7 miljoen mensen werd ondertekend. De SS-20 raket, een kernwapen voor de middellange afstand, zou op grote schaal in West-Europa geplaatst gaan worden.
  
In december 1979 kwamen de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie van de lidstaten van de NAVO bijeen in Brussel. Daar kwamen zij tot het beruchte dubbelbesluit, dat Europa begin jaren tachtig op zijn grondvesten deed schudden. 
Het besluit hield in dat de NAVO haar kernwapenarsenaal in West-Europa zou moderniseren, met als gevolg dat in Nederland, België, Groot-Brittannië, West-Duitsland en Italië in totaal 572 nieuwe kernwapens voor de middellange afstand zouden worden geplaatst.
 
 
 
Museumnieuws
Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944 - 1945
 Hans Moors
  Nieuwe accenten leiden tot een ander verhaal over oorlog en bezetting.
  
Op korte vakanties in de Ardennen beland je onvermijdelijk in een oorlogsmuseum. 
Dat staat dan vol wapentuig. De bijschriften vermelden hoe snel tanks kunnen rijden, hoeveel kogels een mitrailleur per minuut kan afvuren. Overzichtskaarten met steeds breder uitlopende pijlen laten zien hoe de geallieerde helden de Duitse boeven voor zich uitjoegen en Europa bevrijdden.
Zelf houd ik niet van die musea. Ik zei dat tegen Wiel Lenders, de directeur van het Nationaal Bevrijdingsmuseum 1944-1945 in Groesbeek.
En hij antwoordde: 'Ik ook niet.'
 
 
 
Naar aanleiding van de Grote Geschiedenis Quiz
Meerkeuzevragen 
 Stefan Boom 
  Iedere docent heeft ermee te maken: de klassen worden groter, aan meer klassen moet les gegeven worden voor hetzelfde aantal uren, de werkdruk neemt toe.
Het urenlang nakijken van toetsen wordt dan een steeds grotere bron van ergernis. 
Is het werken met gesloten vragen de oplossing voor deze ellende?
 
 
 
De Gouden Kom
Een nieuwe opzet van de les
 Ad Oostveen
  Bij een goed onderwijsleergesprek komen leerling én docent aan hun trekken. Hoe pak je dat aan?
  
Welke didactiek past goed bij het geschiedenisonderwijs in de Tweede Fase? Veel docenten zoeken naar een manier die zowel past bij de didactische uitgangspunten van het studiehuis als bij hun eigen lesstijl uit het verleden. Daarnaast speelt het probleem van het tijdgebrek. Dit merken wij vooral op de havo-afdeling, maar ook bij het verplichte deel op het vwo. Over dit laatste schreef Elise Storck onlangs nog in deze 'Gouden Kom'-reeks.
En wat mag je nog wel of niet als docent in het studiehuis?
In de didactische tips bij de introductie van de Tweede Fase wordt benadrukt dat de docent vooral het leerproces moet begeleiden. Zelfstandig leren staat voortaan centraal. Velen vroegen zich af of het vertellen van een verhaal in de geschiedenisles nog wel mogelijk én toegestaan was; zeker gezien het beperkt aantal lesuren.
Als docent van de bovenbouw havo/vwo heb ik het eerste jaar ook geworsteld met het vinden van een nieuwe opzet van mijn lessen. Momenteel heb ik het gevoel dat ik een aardig evenwicht heb gevonden tussen doceren en zelfstandig leren.
 
 
 
Is er een digitale toekomst voor het geschiedenisonderwijs?
Gesprek met Albert van der Kaap
 Cees Bol en Huub Oattes 
  Op elke school in Nederland gebruiken geschiedenisdocenten (wel eens) digitale hulpmiddelen bij hun lessen. Een cd-rom met opdrachten of een opdracht met behulp van het Internet is niets bijzonders meer. Blijft het inzetten van ICT bij de lessen geschiedenis en staatsinrichting beperkt tot incidenteel gebruik of groeit ICT uit tot het voornaamste leermiddel?
 
 
 
Impressies van de VGN-jaarvergadering
De Rooy geknipt en geschoren
 Kleioredactie 
  De Rooy was zelf niet aanwezig op de jaarvergadering van de VGN, 24 maart jl. in het Museum Het Valkhof te Nijmegen, maar des te meer waarde zijn geest er rond. Het rapport dat zijn naam droeg vormde namelijk de hoofdmoot van de gesprekken. Hier het verslag van een gedenkwaardige vergadering.
 
 
 
En verder
           Levensverhalen van verzetsmensen
  Boeken
  Kleiokrant

Op 17 mei organiseert de VGN een grote veldraadpleging in Utrecht over het rapport van de commissie-De Rooy. Geef je tijdig op!!! Zie voor informatie de Kleiokrant achter in dit nummer en de website van de VGN.

 
Kleio nummer 4, juni 2001
dinsdag, 4 juli 2006

Verslag van de tweede VGN-raadpleging over het rapport-De Rooy
'Geschiedenis is het enige vak dat groot onderhoud mag plegen'
 Carla van Boxtel en Jan van Oudheusden
           Het VGN-bestuur gaat advies uitbrengen over het rapport-De Rooy en heeft daarvoor in twee rondes de leden geraadpleegd. Hier de resultaten van de tweede ronde.
 
 
 
Euroclio-Conferentie
Hoe wij aankijken tegen de Noorse identiteit zegt ook iets over de Nederlandse
 Margriet Hielkema en Ineke Veldhuis
  De blokkades van de truckers tegen de hoge olieprijzen zijn nauwelijks opgeheven als een groep geschiedenisdocenten uit Nederland in september 2000 de reis naar de oliestaat Noorwegen aanvaardt. Een prognose voor de schoolverkiezingen is daar juist bekend geworden: de extreemrechtse Fremskrittsparti zou de meeste stemmen van de leerlingen krijgen: 23,5 procent. De conservatief-liberale partij Høyre 17 procent.
De Sociaal-Democratische Arbeiderspartij slechts 16 procent. Noorwegen, zo wordt ons verteld, is in een politieke en morele crisis geraakt en deze crisis lijkt veroorzaakt door de overvloedige winsten op olie!
 
 
 
Interview met geschiedenisdocent Albert Kort
Dreigt een burn-out? Schrijf een proefschrift!
 Jan van Oudheusden
  Wel wat hoog gegrepen misschien, maar je hebt er wat aan voor jezelf en voor je onderwijs.
  
Het komt niet elke dag voor dat er een leraar promoveert. Weinigen hebben naast hun volledige dagtaak nog tijd en energie over om zich aan een meerjarenproject als een academisch proefschrift te wijden. Voor Albert Kort uit 's Heer Hendrikskinderen (Zuid-Beveland) was het schrijven van de dissertatie waarop hij afgelopen maart in Rotterdam promoveerde, een plezierige bezigheid naast zijn baan als geschiedenisdocent te Goes. Hoe speelde hij het klaar?
 
 
 
Ideetje misschien ...?
Geschiedenis is poppenkast
 Willem Janssen
  Conversatie Stalin - Hitler? Protest tegen werkgever? Getergd suffragette? 
In de klas van Willem Janssen is alles mogelijk.
  
Tijdens de VGN-Didactiekconferentie in januari liet Willem Janssen zien wat er allemaal kan gebeuren als je in je klas poppenkast speelt. Historische figuren, historische problemen, komen uit de verf. Leerlingen zijn enthousiast, verdiepen zich in zaken, relativeren, en als leraar kun je goed zien wat nog niet echt begrepen is.
 
 
 
Samenwerkend leren
Vruchtbare samenwerking of theekransjes?
 Hanneke Tuithof
  Op de VGN-didactiekconferentie in januari 2001 gaf Hanneke Tuithof een workshop over het thema 'Hoe stimuleer je de individuele verantwoordelijkheid van leerlingen bij groepsopdrachten en zorg je ervoor dat het leerproces en de individuele bijdrage zichtbaar worden?'
In dit artikel haar tips.
 
 
 
Hoe 'de' overheid (te laat?) de professionaliteit van de leraar ontdekte
Inspecteur Mertens en de apathische leraar
 Elise Storck
  De media tonen de laatste tijd veel belangstelling voor onderwijs, meer dan ooit lijkt wel. En telkens is er een kleine hype waarbij een interview op de radio leidt tot reacties in kranten of op tv of andersom. Na jaren 'zwoegen in stilte' moet ons dat goed doen. Ineens lijkt maatschappelijk meer zichtbaar wat we doen. 
Eind januari was er ook zo eentje: inspecteur-generaal Ferdinand Mertens nam afscheid en deed nog eenmaal zijn zegje over de effecten van het onderwijsbeleid op het gebeuren in de klas. En, hoewel het ging over de jaren waarin hijzelf als hoogste baas van de onderwijsinspectie ongetwijfeld invloed gehad moet hebben op dat beleid, was het geen blij verhaal: 
'De overdaad aan regels heeft het personeel apathisch gemaakt. De school is aan de verliezende hand.'
 
 
 
Nieuwe inzichten over kinderarbeid en hun bruikbaarheid in het geschiedenisonderwijs
Kinderen - jongeren - minderjarigen
 Bart de Wilde
  Zielig, zo'n werkend kind in de negentiende eeuw. Zielig? Zelfs nu zijn er jongeren die moeten, maar ook willen werken. Zou dat vroeger ook soms zo geweest zijn?
 
  
Het thema kinderarbeid is een klassiek gegeven in het geschiedenisonderwijs. Het wordt meestal besproken in het kader van de 'ellendige sociale gevolgen' van de negentiende-eeuwse industrialisatie van de maatschappij. De laatste jaren zijn echter vraagtekens gezet bij de evidentie van deze zienswijze. Kunnen we met de vertrouwde aanpak nog wel uit de voeten? Recente inzichten bieden tal van aanknopingspunten om het thema 'kinderen-jongeren-minderjarigen en arbeid' opnieuw te benaderen.
 
 
 
En verder
           Boeken
  Kleiokrant
  Register op KLEIO 2000

 
Kleio nummer 5, juli/augustus 2001
dinsdag, 4 juli 2006
Bij 'Nederland en het slavernijverleden'
 Hans Moors
 
 
 
'Het verleden onder ogen'
Gesprek met Ger Oostindie
 Tineke Bogaerts 
           Mag een historicus geëngageerd zijn? Wat moet een leerling met het verleden? Dergelijke zaken kwamen aan de orde tijdens een gesprek met de directeur van het KITLV.
  
Prof. dr. Gert Oostindie (1955) studeerde als historicus af op een onderzoek naar de Cubaanse spoorwegen in de negentiende eeuw. In 1983 werd hij hoofd van de Caraïbische afdeling van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV). Eigenlijk pas vanaf dat moment verdiepte hij zich in Suriname en de Antillen. 
Hij promoveerde in 1989 bij de antropoloog H. Hoetink op een interdisciplinaire studie van twee Surinaamse plantages (1770-1870) en werd in 1993 benoemd tot hoogleraar antropologie en vergelijkende sociologie van het Caraïbisch gebied.
Sinds 1 oktober 2000 combineert Oostindie deze functie met het directeurschap van het KITLV: de eerste directeur zonder 'Indonesische achtergrond'.
In zijn werkkamer in Leiden sprak Kleio met hem over geschiedenis en politiek.
 
 
 
De discussie over het Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden
Het belang van een gedenkteken
 Guno Jones
  Standpunten van Afro-Surinaamse en andere Caraïbische Nederlanders.
  
Eind 2001 wordt in het Amsterdamse Oosterpark het monument ter herdenking van de slavernij onthuld. Nederland is daarmee in vergelijking met landen als de Verenigde Staten, Frankrijk en Engeland relatief laat. Dit artikel belicht - met bijzondere aandacht voor de standpunten van Afro-Surinaamse en andere Caraïbische Nederlanders - de discussie rond de totstandkoming van het Nederlandse slavernijmonument.
 
 
 
Een veranderde visie
De basya: de zwarte opzichter in Suriname
 Wim Hoogbergen
  Over het gebruik van schriftelijke en mondelinge bronnen van het niet al te verre verleden en onze eigen blinde vlekken.
  
Vanuit de methodologische handboeken weten we dat elk historisch boek, elk geschiedkundig verhaal, ja zelfs een archiefstuk een interpretatie van de werkelijkheid is. In hoeverre zo'n tekst afwijkt van wat 'echt gebeurd' is, valt in het algemeen nauwelijks te achterhalen. Kennis is nooit een afspiegeling van de werkelijkheid.
 
 
 
'We hebben erfgoed in huis dat van iedereen is' 
Gesprek met Ada Corbee van het Wereldmuseum Rotterdam
 Hans Pols
  Het Wereldmuseum ligt op een van de mooiste plekjes van Rotterdam. Aan de Maas, tegenover Hotel New York, naast de historische Veerhaven, in een door voorname bebouwing uit de negentiende eeuw en passerende schepen gedomineerde omgeving. Het is een plaats die beelden oproept van verre reizen over zee, machtige reders en haveloze landverhuizers. Het gebouw zelf, met zijn eclecticistische, koloniale stijl, heeft iets on-Nederlands. Kortom, een ideale plaats en omgeving voor een volkenkundig museum.
 
 
 
De historische romans van Cynthia Mc Leod
 Tineke Bogaerts
  'Hoe duur was de suiker' sloeg destijds in als een bom. Het boek verscheen in Suriname in 1987. Daarna is het vele malen, ook in Nederland, herdrukt. Vanaf dat moment was de naam van Cynthia Mc Leod als schrijfster over het Surinaamse slavernijverleden gevestigd. Reden om in het kader van dit themanummer een gesprek met haar te hebben over haar werk.
 
 
 
En verder
           Het paradijs overzee met andere ogen (Hans Moors)
  Marijn bij de Lorredraaiers (Hinke Hoekstra)
  Slavernijsites (Cees Bol)
  Het examen geschiedenis 2001 (Maria van Haperen, Huub Oattes en Wim Visser)
  Boeken
  Kleiokrant

Achterin dit nummer is de stofomschrijving Sovjet-Unie afgedrukt voor het CE van 2002 en 2003

Kleio nummer 6, september 2001
dinsdag, 4 juli 2006
Eén zaak, twee keuzen: kleiogesprek
Indiëganger of Indonesiëweigeraar
          Huub Oattes
           Twee ex-militairen aan het woord over hun motieven om in 1945/1946 wel of niet naar Indonesië te gaan.
  
Na de Japanse capitulatie op 15 augustus 1945 volgde twee dagen later, totaal onverwacht, het uitroepen van de onafhankelijke 'Republik Indonesia' door Soekarno en Hatta. Nederland werd compleet verrast door het optreden van de nationalisten. Terwijl de Nederlanders erop rekenden dat de Japanse overgave het herstel van de vooroorlogse koloniale verhoudingen betekende, werden ze nu voor het eerst geconfronteerd met fanatiek gewapend verzet van Indonesiërs om dit te beletten.
 
De inzet en acties van Nederlandse militairen tegen de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd zijn ook vandaag nog onderwerp van discussie tussen voor- en tegenstanders. Begrippen als 'koloniale onderdrukkingsoorlog' en 'Nederlandse oorlogsmisdaden' ontmoeten in onze tijd meer begrip dan in de jaren '50 en '60. De spraakmakende affaires rondom de Nederlandse overloper Poncke Princen en het extreem gewelddadige optreden van de troepen van kapitein Westerling roepen nog steeds heftige emoties en sterk tegengestelde meningen op, vooral onder ex-militairen.
 
In dit artikel komen twee Nederlandse ex-militairen aan het woord, die in de crisistijd direct na de Duitse bezetting verschillende keuzen hebben gemaakt in de kwestie Nederlands-Indië.
Indonesië-weigeraar Hans Petiet en Indië-ganger Anton Kalse vertellen over hun motieven om wel of niet als soldaat naar Nederlands-Indië te gaan. Daarnaast spreken ze openhartig over de gebeurtenissen die volgden nadat zij hun standpunt hadden ingenomen. Dat beide mannen veertig jaar later nog vol overgave en emotie hierover vertellen, maakte mij duidelijk dat het om een ingrijpende periode uit hun leven ging.
 
 
 
Gordiaantje: Over de plaats van de vrijdenkersbeweging in negentiende-eeuws Nederland
Bijbels en boenwas
 Hans Moors
  De vrijdenkersbeweging bewoog zich in de marge van het openbare politieke leven. Dit neemt niet weg dat zij als platform voor maatschappelijke problemen een ruime actieradius had en er interessante lijnen te trekken zijn naar de politieke vernieuwers uit de tweede helft van de negentiende eeuw.
  
Met de kreet: 'Denk vrij' laat een grote Nederlandse beleggings- en verzekeringsmaatschappij paarden breidelloos over benevelde groene weiden draven. Deze advertentie suggereert een gevoel van vrijheid. Sinds 'Black Beauty' zijn paarden daar natuurlijk erg geschikt voor, al is onduidelijk of de makers specifiek op Tina-lezers van weleer gokten. En of beleggingen en verzekeringen een gevoel van vrijheid bieden, is ook nog maar de vraag. Zeker als je daar even over nadenkt!
 
 
 
Gordiaantje: Mensenrechtenbeleid in het Oost-Westconflict
'Het was Koude Oorlog en die wilden we winnen'
 Floribert Baudet
  Naast de humanitaire bewogenheid die strijders voor mensenrechten zeker hebben, moet je het oog niet sluiten voor het gebruik ervan als machtspolitiek instrument, aldus de auteur. De haviken van het Westen voerden Koude Oorlog met alle middelen.
  
Op het eerste gezicht lijkt het vraagstuk van de rechten van de mens weinig te maken te hebben met de Koude Oorlog. De Koude Oorlog was een machtspolitiek conflict tussen de NAVO en het Warschaupact, en ging over kernraketten, neutronenbommen, Spoetniks en invloedssferen. Mensenrechten hadden eerder een bijklank van idealisme en vredesdemonstraties. De Koude Oorlog was echter ook, en misschien wel vooral, een confrontatie tussen twee wereldbeschouwingen en mensbeelden. Tussen het liberaal-democratische gedachtegoed en het marxisme-leninisme, tussen politiek pluralisme en de dictatuur van het proletariaat.
 
 
 
'Wat weten ze nog van geschiedenis?'
Nut en noodzaak van vakdidaktiek
 Hubert Schrijnemakers
  'Leerlingen weten vandaag de dag bar weinig van geschiedenis', is een in de wandelgangen veelgehoorde klacht. Ze kunnen Karel de Grote en Karel V niet meer uit elkaar houden en je hoeft ze al helemaal niet naar Perikles of naar Johan de Witt te vragen. En dat ligt aan het geschiedenisonderwijs, meent een aantal gerenommeerde vakgeleerden. Zo kan het niet langer.
Nu het na de rapporten van de commissies-De Wit en De Rooij zover is dat er geïmplementeerd zou kunnen worden, blijken veel zaken nog niet duidelijk ingevuld. Behalve een degelijke implementatiecommissie is een vakdidactisch wetenschappelijk instituut onontbeerlijk, aldus de auteur van dit artikel.
 
 
 
En verder
  In de Gouden Kom: Brandhaarden op het internet
  Kleioskoop: Het Maerlant-project
  Boek van de maand: 'Van buiten leren'
  Boeken
 
Kleio nummer 7, oktober/november 2001
dinsdag, 4 juli 2006

Pabo-nummer
met special '11 september' in de les

De 11e september en de geschiedenisles
                     Reacties op '11 september' van Hans Pols, Ilona Brusselers, Maria van Haperen, Oscar Lansen, Jaap Patist, Gert Olthof, Jan van Oudheusden en Dave Drossaert, deze laatste in een gesprek met Cees Bol.
 
 
 
Wat heeft het nieuwe geschiedenisonderwijs straks te bieden?
'Als de wereld in brand staat'
 Carla van Boxtel
  Vragen aan Theo van Zon over de voorstellen in het rapport van de commissie-De Rooij met betrekking tot de actualiteit en de mogelijkheid daarop in te gaan.
  
De Britse BBC-journalist Mike Baker wil naar aanleiding van de aanvallen op de Verenigde Staten in september een nieuwe discussie voeren over de vraag of het verplichte curriculum niet méér geschiedenis en met name méér wereldgeschiedenis moet bevatten (zie http://news.bbc.co.uk/hi/english/education/default.stm). Het moderne geschiedenisonderwijs stelt zich immers ten doel om het heden te begrijpen in de context van het verleden. 
 
Ook in Nederland werden dergelijke vragen zeer recentelijk nog gesteld, maar dan naar aanleiding van het rapport-De Rooy. Verschillende critici wezen op het Eurocentrische karakter van het voorgestelde programma. De reacties kunt u lezen op de VGN-website.
Vertegenwoordigers van Euroclio betreurden bijvoorbeeld het gemis aan een ruimere internationale dimensie. Bovendien zeggen zij het jammer te vinden dat de oorspronkelijke culturen van veel leerlingen zonder eigen waarde worden gepresenteerd omdat het programma de niet westerse wereld verbeeldt als kolonie of overheerst gebied, een gebied waar vluchtelingen en migranten vandaan komen en waar onafhankelijkheidsoorlogen en armoede heersen.
In de reactie van Euroclio werd ook gesteld dat het programma te overladen is om ruimte te bieden aan reflectie op gebeurtenissen in het heden: "Het gevaar dreigt dat wanneer de wereld in brand staat de leraren geschiedenis gewoon doorgaan met de Verlichting. Het programma komt anders niet af."
Ook Dalhuisen en Van der Dussen stelden dat de oriëntatiekennis die voorgesteld wordt door de commissie-De Rooy niet of nauwelijks kan functioneren, als het gaat om belangrijke gebeurtenissen in Oost-Europa, de VS en alle niet-westerse gebieden. Bovendien vragen zij zich af: "Heeft ieder belangrijk historisch verschijnsel, historische ontwikkeling etcetera niet een eigen historisch kader nodig om te kunnen worden begrepen?"
 
De aanslagen op de VS maken deze discussie weer actueel. Wat heeft het nieuwe geschiedenisonderwijs ons straks te bieden? Theo van Zon van de SLO reageert op een aantal vragen.
 
 
 
De lerarenopleiding basisonderwijs
 Marjan de Groot-Reuvekamp
  De startbekwaamheden van een leraar in het basisonderwijs zijn veelomvattend. Hoe komen Pabostudenten daaraan?
  
Voor geschiedenis en samenleving (waaronder staatsinrichting valt) worden drie bekwaamheidseisen omschreven. De eerste gaat over het eigen niveau van de beginnende leraar, de tweede en de derde eis hebben betrekking op de vakinhoud en de vakdidactiek. Een eerste reactie hierop zou kunnen zijn: 'Drie eindtermen voor geschiedenis en drie voor samenleving: dat moet te doen zijn in vier jaar Pabo!'. 
Dat een en ander toch niet zo eenvoudig is wordt in dit artikel beschreven.
 
 
 
Begrippen herkennen en plaatsen
Van Anne Frank tot Willibrord
 Marjolein du Jour, Hans Keissen, Francien van der Meer, Marjan de Groot
  Ook in de Commissie Pabo hebben we regelmatig gesproken over de tijdvakkenindeling van de commissie-De Rooij en, waren evenals in de andere geledingen van de VGN, de meningen verdeeld. Toch zag een meerderheid de tijdvakken als een handzaam didactisch hulpmiddel, waarmee het voor leerlingen gemakkelijker zou kunnen worden gebeurtenissen en personen te plaatsen in de tijd. Vooral de Pabodocenten in de commissie benadrukten nog eens hoeveel moeite ook studenten hiermee hebben. Zo ontstond het idee om eens te kijken in hoeverre Pabostudenten erin zouden slagen om historische begrippen te herkennen en te plaatsen in de tien tijdvakken. Aansluitend zou dan gekeken kunnen worden wat leerlingen van groep 8 hiervan terechtbrengen.
 
 
 
Groep 8 van de Sint-Jozefschool in Rijen
 Marjan de Groot-Reuvekamp
  Op bezoek in de geschiedenisles van Annemarie van Heumen.
  
Dit artikel geeft een indruk van geschiedenis in het basisonderwijs. Marjan de Groot interviewde Annemarie van Heumen, leerkracht van groep 8 en was te gast bij een geschiedenisles in deze groep. Vooraf een algemeen beeld van de school en de invulling van het geschiedenisonderwijs.
 
 
 
Een gast in de klas
'Je kon een speld horen vallen'
 Cees van der Kooij
  De ervaring heeft geleerd, dat een gast in de klas een waardevolle en leerzame bijdrage aan het onderwijsprogramma kan leveren. Zo'n gast - vertellend over eigen belevenissen ('eerstehandservaringen') - heeft meer te bieden dan de leerkracht en zo'n gastles is voor veel leerlingen onvergetelijk. Zeker wanneer het onderwerp van de gastles een integraal onderdeel is van het onderwijsprogramma.
 
 
 
Liever een goede stofomschrijving dan nieuwe tijdperken
De Rooy en het basisonderwijs
 Henk Wagenaar
   
 
 
 
Geschiedenismethoden voor het primair onderwijs
 Commissie Pabo
  Bespreking van 'Een zee van tijd', 'Bij de tijd' en 'Wijzer door de tijd.'
   
 
 
 
En verder
  Cd-rom en websites voor Pabo en basisonderwijs
  Boek van de maand: 'Nederlandse geschiedenis in verhalen'
  Boeken
  Kleiokrant
 
Kleio nummer 8, december 2001
dinsdag, 4 juli 2006

Special  Sovjet-Unie

'Dat verhaal over die terreur, dat moet toch indrukwekkend te brengen zijn in de klas?'
Gesprek met André Gerrits
           Huub Oattes en Hans Pols
                      De voorzitter van de stofomschrijvingscommissie Sovjet-Unie over keuzes en achtergronden.
  
André Gerrits was voorzitter van de stofomschrijvingscommissie van het nieuwe examenonderwerp Sovjet-Unie. In het Oost-Europa Instituut van de UvA spraken we met hem hierover. Het werd een college over Russische boeren, over Stalin en dus ook Hitler, over stereotypen van de Russische man en de Russische volksaard en over de ondergang van de Sovjet-Unie.
 
 
 
Industrialisatie, collectivisering en de oorlog tegen de koelakken
Stalins modernisering
 Richard T. Griffiths
  De gebeurtenissen die een einde maakten aan de Nieuwe Economische Politiek van 1921 en de periode inluidden van geforceerde industrialisatie in Rusland, zijn inmiddels goed gedocumenteerd. In een deel van de literatuur worden ze gepresenteerd in de context van een machtsstrijd waarin Stalin eerst de partij kiest van 'Rechts' om zo 'Links' te kunnen verslaan.
Vervolgens keert hij zich alsnog tegen zijn voormalige bondgenoten en neemt het beleid over dat hij eerder had afgewezen. Als een Russische 'Tsaar' leidt hij Rusland naar de modernisering, die zich voltrekt over de rug van de zwaar lijdende bevolking.
 
 
 
'Lenin was voor ons op school een idool.
Er was geen mogelijkheid om te twijfelen'
 Hans Pols in gesprek met Katya Brekhova.
  Katya Pijpaert-Brekhowa is lerares Engels op een scholengemeenschap in Spijkenisse. Ze woont nu drie jaar in Nederland. Haar Slavisch accent en uiterlijk verraden haar afkomst, maar voor iemand die drie jaar geleden nog in Rusland woonde, spreekt ze verbluffend goed Nederlands. Ze vertelt over haar jeugd in de USSR.
 
 
 
Russische geschiedschrijving zonder Sovjet-Unie of communisme?
Gordiaantje: 'De toekomst van het verleden'
 Wim van Meurs
  Over de diverse omkeringen van historische waarden en normen  in de gebieden van de voormalige Sovjet-Unie.
  
De revolutie van 1989 betekende voor de volkeren en staten van Oost-Europa bevrijding; bevrijding van het communisme als vreemde overheersing. Ook voor de veertien sovjetrepublieken betekende 1991 vrijheid: het einde van de opgedwongen unie met anderen en vooral met Rusland. Terwijl van Estland tot Albanië en van Tsjechië tot Georgië de nationale bevrijding en de afrekening met het verleden de beroepshistorici en de massamedia jarenlang in hun ban hielden, begon in Rusland de lastige en pijnlijke zoektocht naar een eigen Russische historische identiteit.
Draagt het Russische volk schuld aan de communistische regime of is het zelf ook slachtoffer van het stalinisme? Is een Russische nationale identiteit zonder Sovjetrijk denkbaar of is 'het imperiale' juist de kern van de historische traditie?
 
 
 
Van St.-Petersburg naar Moskou
Versteend communistisch verleden
 Onno Reichwein
  Een tocht langs de vele overblijfselen van de Russische Revolutie en de USSR.
  
In de Russische steden herinneren nog veel gebouwen en plaatsen aan gebeurtenissen tijdens de Russische Revolutie en daarna. Misschien door geldgebrek is de afbraakwoede toch kleiner geweest dan in het westen en de USSR voegde uiteraard haar geheel eigen monumenten toe aan wat er al was. In dit artikel leidt Onno Reichwein de lezer langs gebouwen en plaatsen die aan driekwart eeuw communistische heerschappij doen herinneren.
 
 
 
De herziening van het totalitarismeconcept
Stalinisme in revisie
 Paul Luykx
  De USSR alleen bekijken als een totalitaire staat doet de Sovjettijd tekort. Nieuwe invalshoeken bieden onverwachte inzichten.
  
Altijd al is het stalinisme onder wetenschapsbeoefenaars van allerlei slag voorwerp van stevige debatten geweest. Zo heeft men er een vorm van ontwikkelingsdictatuur in willen zien, vergelijkbaar met de politieke systemen in sommige gedekoloniseerde landen. Of men beschouwde Stalin als een rode tsaar en het stalinisme als niets anders dan een voortzetting van oude, Russische tradities in een bolsjewistisch jasje.
Het meest invloedrijke concept waarmee men er - minstens vanaf de jaren vijftig - greep op probeerde te krijgen, was echter de notie totalitarisme. Niettemin brokkelt in wetenschapsland het monopolie van dit concept de laatste decennia flink af.
 
 
 
Wie is verantwoordelijk voor de dood van mevrouw Vorvan?
Een detective-mysterie
 Jan de Vries
  Leerlingen onderzoeken een sterfgeval uit de tijd van de collectivisering.
Al doende maakt de docent ze bewust van hun denkwerk en krijgen ze een beter inzicht in aspecten van het stalinisme. Met lesmateriaal en tips.
  
In de klas heerst een koortsachtige sfeer. Er wordt druk overlegd en hardop gedacht. Het bronnenmateriaal vliegt tussen de groepsleden over de tafels heen en weer. Geen leerling houdt zich afzijdig. Op gezette tijden wordt de docent bij een groepje leerlingen geroepen of wordt extra materiaal bestudeerd. Wie wat langer kijkt, merkt dat alle activiteiten binnen een duidelijke structuur passen. Regelmatig legt de docent het groepswerk stil en vraagt de leerlingen