Brief aan kamercommissies

De VGN heeft vorige week namens haar leden een brief aan de Eerste en Tweede kamercommissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gestuurd over de voorgenomen omdraaiing van de eerste en tweede correctie. De inhoud van de brief kunt u hieronder lezen. Klik hier voor het rapport ‘Onderzoek naar de pilots tweede correctie centraal examen vo’.

Aan: De voorzitter van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van de Tweede Kamer: mevrouw drs. A.G. Wolbert
De voorzitter van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van de Eerste Kamer: mevrouw G. de Vries-Leggedoor

Datum: 18 juni 2015

Betreft: Onderzoek naar de pilots tweede correctie centraal examen vo

Met deze brief wil de Vereniging voor docenten geschiedenis en staatsinrichting in Nederland (VGN) reageren op het Onderzoek naar de pilots tweede correctie centraal examen vo en het daarop gebaseerde voornemen de bestaande volgorde van de eerste en tweede correctie van de centrale examens te veranderen.
De VGN verzet zich sterk tegen de omkering van de eerste en tweede correctie. Wij hebben kennisgenomen van het rapport en zowel de inhoud als de conclusie verontrust ons in hoge mate. In deze brief geven wij aan waarom wij onze kanttekeningen zetten bij het rapport. We verzoeken u om onze bezwaren in uw commissie te bespreken.

Havo geschiedenis
Geschiedenisdocenten worden niet zelden belast met verschillende examengroepen, bijvoorbeeld havo geschiedenis en vwo geschiedenis. Deze vakken zijn niet met elkaar te vergelijken. In de pilots was het vak geschiedenis alleen op havo-niveau betrokken. De resultaten van de pilot extrapoleren voor alle geschiedenisdocenten kan dus niet aan de orde zijn.

Tijdgebrek
In het rapport (paragraaf 1.1 Achtergrond van de pilots) wordt opgemerkt dat het niet volledig uitvoeren van de tweede correctie voornamelijk haar oorzaak vindt in het feit dat er sprake is van tijdgebrek: ‘Als reactie geven docenten, net als in de vragenlijst van het Cito, in de verschillende media aan dat zij onvoldoende tijd hebben om een integrale tweede correctie uit te voeren.’ Waarbij aangemerkt moet worden dat per leerling in het vwo minimaal 1,5 uur nakijktijd noodzakelijk blijkt, daarbij komt nog de verwerkingstijd en soms het teruglezen door het vergelijken van verschillende vragen. Dit is veel meer dan bij andere vakken.

In paragraaf 3.3.2 wordt uitgelegd hoe het aspect van tijdgebrek voor de correctoren werd opgelost. Ondanks het feit dat het in de pilot over kleine aantallen gaat en niet alle vakken erbij betrokken werden, moet de conclusie getrokken worden dat lang niet in alle gevallen het tijdgebrek voor de docenten opgelost werd. In het rapport is te lezen: ‘Verschillende scholen gaven aan dat het een knelpunt [!] was om tijdig vervanging te regelen en dat dat probleem groter zou worden bij landelijke invoering van de vrijstelling van lestaken.’ Kortom: leerlingen in niet-examenklassen komen niet meer aan hun minimale contacttijd door omdraaien van de correctievolgorde. Daar waar er al sprake was van vervanging gebeurde dat door ‘invallers, stagiaires […]’.

In paragraaf 4.3 wordt dan nogmaals opgemerkt: ‘Uit het overzicht blijkt dat in de pilot de tijdsdruk door de omkering van de eerste en tweede correctie in ieder geval niet minder werd.’

Het onderzoek geeft geen afdoende antwoord op de vraag hoe het probleem van tijdsdruk wordt opgelost. Terecht merken de onderzoekers op dat er twee dagen verloren gaan door de verzending naar de eerste corrector op een andere school. De gevolgen voor vakken die als laatste in het examenrooster staan laten zich raden: de werkdruk van de docenten zal daardoor toenemen. De alinea op pagina 45 waar de schoolleiders uitleggen dat facilitering in de vorm van tijd eigenlijk niet tot de mogelijkheden behoort, versterkt onze zorg.

Objectief beoordelen
Een belangrijk item in het onderzoek is de vraag of eerste correctoren in staat zijn hun leerlingen objectief te beoordelen. De aanname dat docenten hun eigen leerlingen niet objectief beoordelen, is een aanname die gebaseerd lijkt op wantrouwen en gaat niet uit van de professionaliteit van de docent.

Vrijwillige deelname
Het onderzoek is vertroebeld door het gegeven dat leraren die niet mee wilden doen aan de pilot dat ook niet hoefden (paragraaf 3.2.1).In hoofdstuk 4 wordt aangegeven dat ‘de meeste [?] schoolleiders [elders wordt opgemerkt dat zij weinig extra werk aan de pilots hadden] en docenten tevreden zijn over hun deelname aan de pilot.’ Dat de overige docenten wel tevreden zijn over hun deelname wil overigens niet zeggen dat ze ook tevreden zijn over de pilot. De deelnemers aan de pilot geven in paragraaf 4.4.2 bovendien aan dat de werkdruk door deelname aan de pilot extra hoog was.

Aantal deelnemers
Bij de tabellen in hoofdstuk 3 is steeds sprake van wel heel weinig deelnemers. Op grond van n=7 (tabel 3.3 en 3.4) kunnen geen conclusies worden getrokken over de landelijke situatie.

Praktische problemen
In paragraaf 4.3.1 wordt opgemerkt dat er praktische problemen waren met betrekking tot pooling en invoering in Wolf. Let wel: het onderzoek betrof een zeer klein aantal scholen, docenten en vakken. Zelfs op die schaal leverde dat grote organisatorische problemen op. De gevolgen voor landelijke invoering zijn niet te overzien.

Twee veranderingen, één onderzoek
Het onderzoek heeft twee variabelen tegelijk willen onderzoeken. Ten eerste was daar de omkering van de volgorde en ten tweede werden er varianten van werken ingevoerd. De onderzoekers merken terecht op dat het (zeker met het kleine aantal deelnemers) niet meer duidelijk is welk effect toe te schrijven is aan welke veranderingen. Zo is niet onderzocht of het verlenen van extra tijd, zonder omkering, kan leiden tot het nauwkeuriger uitvoeren van de tweede correctie.

Niet voor alle vakken
In paragraaf 6.3 is er de conclusie: ‘In deze pilot lijkt er voldoende steun te zijn voor landelijke invoering van de omkering’ maar iets verder volgt een enorme afzwakking: ‘het is belangrijk om zicht te krijgen of omkering voor alle vakken zinvol en uitvoerbaar is’.

Conclusie
Het rapport kent samenvattend te weinig deelnemers om conclusies uit te kunnen trekken, de omdraaiing levert praktische problemen op en de VGN voorziet tijdgebrek. Wij hebben er geen vertrouwen in dat er sprake zal zijn van voldoende facilitering in de vorm van tijd, waardoor de belasting van docenten in de examenperiode onverantwoord hoog wordt.

Het streven naar een zo goed mogelijke beoordeling van werk van leerlingen ondersteunen wij uiteraard wél. Iedere docent heeft voldoende tijd nodig om dit zorgvuldig te doen. Daarom zou de huidige werkwijze wel eens de beste kunnen zijn. De VGN pleit er ook voor het examen geschiedenis als een van de eerste examens af te nemen. Dit kan een gedeeltelijke oplossing zijn voor het tijdgebrek.

In ieder geval is het voorgenomen beleid om eerste en tweede correctie om te draaien op basis van de pilot onvoldoende evidence based.

A.A. van der Schans, voorzitter VGN


Redactie

Reacties

  1. a.a.van mameren Zegt: juni 23, 2015 at 8:46 pm

    Een deel van mijn reactie naar de VVD en PvdA 2e kamerleden
    De discussie en de komende beslissingen wat dit betreft zou over een andere oplossing moeten gaan. Doordat de examens steeds later vallen, geeft men de docent steeds minder ruimte om zijn/haar werk goed te doen. Als de staatssecretaris zou willen dat het 2e correctie op dezelfde manier gebeurd als de 1e correctie dan zou hij daar ruimte voor moeten geven. Op dit moment is dat (bijna) fysiek onmogelijk.
    Voorbeeld. Voor 2e correctie heb ik 2 groepen vwo-6 zeg zo’n 50 leerlingen. Bij de 1e correctie is er sprake van ongeveer een uur per leerling dus bij 50 kandidaten 50 lesuur. Afgelopen jaar kreeg ik het werk van de 2e correctie op woensdag en voor het weekeinde moet het weer terug zijn. Kortom in zeg 2 of 3 dagen moet ik een 40 tot 50uur correctie maken, bespreken en terugsturen. Terwijl er maar 4 tot 6 lesuren vervallen en mijn andere lestaken gewoon door gaan. In het gebruikte voorbeeld kreeg ik het werk laat binnen, maar ook bij een reguliere verzending had ik een week voor deze 2e correctie gehad.
    Het valt mij op dat in discussie hier volledig aan voorbij gegaan wordt. Ik hoop dat u inziet dat dit een verkeerde discussie en oplossing is en dat er voor meer ruimte en tijd gekozen dient te worden en niet voor deze oppervlakkige negatieve oplossing.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *