Tussen bao en vo

Drie Pabostudenten hebben onlangs een onderzoek gedaan naar de overgang tussen het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs, waarbij ze hebben gekeken naar het vak geschiedenis. Ze deden daarvoor een oproep aan VGN-leden om mee te doen. Enkele tientallen docenten hebben de enquête ingevuld.

Uit de resultaten blijkt dat op elk onderwijsniveau de meerderheid van de geschiedenisdocenten aangeeft dat brugklasleerlingen over onvoldoende geschiedeniskennis beschikken om in te stappen in het voortgezet onderwijs. Verder is gebleken dat leerlingen steeds meer moeite hebben met begrijpend lezen, hieronder vallen de strategieën: voorspellen, samenvatten en vragen stellen (Bökkerink, 2018).

De grootste groep respondenten vindt daarnaast dat er een verschil merkbaar is in kennis (beheersing) van de diverse tijdvakken, die centraal staan in het geschiedenisonderwijs. Bijna 90% van de respondenten herkent een aanzienlijk verschil in kennisniveau van de tijdvakken. 23 respondenten (85,2%) geven aan dat het kennisniveau van tijdvak 7 (Pruiken en revoluties) onvoldoende is. Tijdvak 8 (Burgers en stoommachines) wordt door 50,7% van de respondenten als onvoldoende bekend benoemd, gevolgd door tijdvak 5 (ontdekkers en hervormers) (48,1%). De respondenten geven aan dat tijdvak 9 (Wereldoorlogen) het meest verworven is, gevolgd door tijdvak 4 (Steden en staten, 4,5%).

De studenten bedanken alle respondenten voor hun medewerking.

Bekijk hier het onderzoek van de studenten


Redactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *