Het Pain de l’Égalité is een fascinerend onderwerp binnen de Franse Revolutie, omdat het de radicale gelijkheidsidealen van de Jakobijnen direct vertaalde naar het dagelijks leven.

De juridische basis voor dit brood ligt in het decreet van de Nationale Conventie van 15 november 1793 (25 Brumaire Jaar II). In dit decreet werd bepaald dat bakkers slechts één soort brood mochten bakken, bestaande uit driekwart tarwe en een kwart rogge (inclusief zemelen), op straffe van gevangenisstraf. Het doel was de schaarste te bestrijden en het onderscheid tussen het “brood van de rijken” (witbrood) en het “brood van de armen” (bruinbrood) op te heffen.