In 2016 stuitte een boer met zijn ploeg op wrakhout. Er lag een groot scheepswrak onder de grond, dat twee jaar later door archeologen werd opgegraven. Het bleek een zogenaamde Straatvaarder te zijn, een vroegmodern vrachtschip waarmee naar Spanje en Italië werd gevaren om handel te drijven. Dat weten archeologen omdat ze heel veel zaden en pitjes vonden van druiven, olijven en perziken aan boord van het schip. Ze vonden ook een kokosnoot. Al die vruchten komen uit het gebied rondom de Middellandse Zee. Er lag ook aardewerk uit Spanje en Italië in het schip.
Om de lading goed te bewaken, had het schip een aantal kanonnen, pistolen, handgranaten en vaatjes buskruit aan boord. Archeologen vonden ook tinnen lepels met daarop het portret van de Engelse koningin Anne. Het schip werd omstreeks 1705 gebouwd in Nederland, maar uiteindelijk gebruikt door de Engelsen. De archeologen hebben er daarom voor gekozen om het schip de ‘Queen Anne’ te noemen.
Ongedierte
Het was niet fris aan boord van de Queen Anne. De bemanning had last van ongedierte. Er is een aantal luizenkammen gevonden waar de luizen nog in zaten. Ook waren er kakkerlakken, vliegen en muizen aan boord. Het was lastig om alles schoon te houden tijdens een lange zeereis. De bemanningsleden deden wel hun best: ze hadden een kat aan boord om op de muizen te jagen, en er zijn ook bezems en een tandenborstel aan boord gevonden.

Zelf ontdekken?
Een deel van het scheepshout is in het natuurgebied Schoterveld bij Bant in de grond gestoken. Er staat ook een informatiebord met doorkijkpaneel bij, waardoor je kunt zien hoe het schip er vroeger ongeveer uit heeft gezien.