Kamp Vught

In januari 1943 openden de nazi’s in Vught, vlakbij ’s‑Hertogenbosch, het enige SS-concentratiekamp op Nederlands grondgebied. Officieel heette het Konzentrationslager Herzogenbusch. Het kamp werd gebouwd omdat de bestaande doorgangskampen in Amersfoort en Westerbork de stroom gevangenen niet meer aankonden. De eerste gevangenen arriveerden uit Amersfoort terwijl de bouw nog in volle gang was; zij moesten zelfs helpen bij de constructie.

In totaal zaten tussen januari 1943 en september 1944 ruim 31.000 mensen in Kamp Vught: joden, politieke gevangenen, verzetsstrijders, Sinti en Roma, Jehova’s Getuigen, homoseksuelen, gijzelaars, en veel speciale jongere doelgroepen zoals studenten en vrouwen die protesteerden. Hoewel het regime minder extreem was dan in Duitse kampen, betekende dat niet dat het uitzichtloos of tolerabel was: armoede, honger, ziekte en gebrek aan hygiëne eisten al in de eerste maanden vele levens.

Plattegrond van kamp Vught. Bron: Marcel Kuster, TracesOfWar.

Tijdens de beruchte bunkerdrama in januari 1944 liet kampcommandant Adam Grünewald 74 vrouwen samen opsluiten in cel 115, van slechts 9 m², zonder ventilatie. Na veertien uur waren er tien vrouwen dood door verstikking of uitputting. Grünewald werd later door een SS-tribunaal veroordeeld en gedegradeerd.

In juni 1944 escaleerde de repressie: als represaille tegen verzetsdaden werden honderden gevangenen, veelal weerstanders, geëxecuteerd bij de fusilladeplaats in het bos nabij het kamp. Alleen op 4 en 5 september stierven daar al 117 mensen. Door de snelle opmars van de geallieerde troepen werden vele gevangenen in september 1944 naar Sachsenhausen en Ravensbrück gedeporteerd. Bij de bevrijding door Canadese troepen eind oktober was het kamp vrijwel leeg; slechts enkele honderden mensen bleven achter die uiteindelijk alsnog gered werden.

In totaal stierven daar minstens 749 mensen ten gevolge van honger, ziekte, mishandeling of executie; van hen werden 329 direct bij de fusilladeplaats vermoord. Onder de slachtoffers waren ook ruim 1.200 joodse kinderen die in juni 1943 vanuit Vught naar Westerbork en vervolgens naar vernietigingskampen werden gedeporteerd; vrijwel niemand keerde terug.

Na de oorlog kreeg het terrein een nieuwe functie. Al snel werd het gebruikt voor het opsluiten van Nederlandse NSB’ers, collaborateurs en gevangen Duitsers. Later, in de jaren ’50, vestigden Molukse KNIL-militairen en hun gezinnen zich er. Tegelijk werd op dit terrein de penitentiaire inrichting Nieuw Vosseveld gebouwd, een moderne gevangenis die nu nog bestaat.

In 1990 opende het Nationaal Monument Kamp Vught. Het herdenkingscentrum herbergt een museum, tentoonstellingen en reconstructies van barakken en wachttorens op het oorspronkelijke terrein. Het crematorium is nog aanwezig, en de Bunkercel waar het bunkerdrama plaatsvond is gereconstrueerd. Er is ook een speciaal monument voor de verdreven kinderen, met zichtbaar geplaatste bronzen speelgoedvormen en opschriften van hun namen en leeftijden.

Kamp Vught krijgt soms de benaming modelkamp, omdat de SS het gebruikte om het Nederlandse publiek niet verder te ontzetten. Maar zelfs met een relatief lagere sterftecijfer (minder dan 1 %) bleef het een terrorkamp waarin mensen hun identiteit kwijtraakten, voortdurend vernederd werden en zwaar moesten werken.

De geschiedenis van Kamp Vught is daarom zowel representatief als uniek: het was het enige officiële SS‑concentratiekamp in West-Europa, speelde een cruciale rol bij deportaties naar vernietigingskampen, en wordt nog altijd herdacht als plaats van leed, misdadigheid en, in verhouding, beperkte overlevingskansen. Herdenking en educatie vinden plaats via monumenten, reconstructies en museale presentaties op het oude kampterrein.

Kijk op de site van Traces of War voor veel meer informatie en bijbehorende foto´s over Kamp Vught. Je komt er via de link naar de originele bron.

Advertentie