Deze poster, met de prominente slogan “J’accuse 4 mei in Paradiso: Kernoorlog = Oorlogsmisdaad”, fungeerde als aankondiging voor een politiek en maatschappelijk debat in Paradiso, Amsterdam.
De bijeenkomst vond plaats op dinsdag 4 mei 1982, de dag van de jaarlijkse Nederlandse Dodenherdenking. 1982 was een hoogtepunt van de Koude Oorlog en de Nederlandse protesten tegen de plaatsing van kruisraketten (met de grote demonstraties van 1981 en 1983). Het evenement was een directe poging van Stichting J’Accuse om de traditionele, plechtige herdenking te ‘kapen’ en deze te verbinden met de hedendaagse angst voor een kernoorlog.
Door de leuze “Kernoorlog = Oorlogsmisdaad” te hanteren, trok men een directe parallel tussen het historisch onrecht van de Tweede Wereldoorlog en de moderne nucleaire politiek. De organisatoren en sprekers stelden dat de nucleaire wapenwedloop een even grote, of grotere, bedreiging vormde dan de oorlog die herdacht werd.
De bijeenkomst, die begon om 19.30 uur, werd geleid door journalist Johan van Minnen (als voorzitter van de Stichting J’Accuse) en bevatte bijdragen van onder meer de Amerikaanse politicoloog Mark Raskin en de Nederlandse politici Wim Berger (PSP) en Fred van der Spek (PSP). De poster zelf is een krachtig staaltje activistisch drukwerk—soms aangeduid als ‘spotprent poster’ vanwege de grafische impact. Met de dreigende, opstijgende raket benadrukt deze bron de urgentie en de politisering van de herdenkingscultuur in de vroege jaren tachtig.
