Deze kaart biedt een gedetailleerd overzicht van de inrichting van een Surinaamse koffieplantage in de 18e eeuw. Nieuw-Klarenbeek was gelegen aan de Commewijnerivier, een gebied dat destijds het economische hart van de kolonie vormde. Op de kaart zijn niet alleen de landbouwgronden zichtbaar, maar vaak ook de functionele indeling van het terrein: de directeurswoning, de pakhuizen voor de koffiebonen en de slavenhuisjes (de zogenaamde ‘negerhuizen’).

Koffie werd in de 18e eeuw een van de belangrijkste exportproducten van Suriname, naast suiker. De exploitatie van deze plantages was volledig afhankelijk van de inzet van tot slaaf gemaakte Afrikanen. De kaart is daarmee een direct bewijs van de Europese expansie en de systematische opzet van de plantage-economie. De strakke, geometrische indeling op de kaart weerspiegelt de rationele, bijna industriële wijze waarop de productie en de controle over de tot slaaf gemaakten werden georganiseerd. Dergelijke kaarten werden vaak gebruikt door eigenaren in Nederland (vaak beleggers of Amsterdamse handelshuizen) om hun overzeese bezittingen te visualiseren.