In het begin van de 20e eeuw is de diplomatenwijk in Peking te omschrijven als een ‘diplomatenstaat’. Internationale Europese diplomaten (gezanten) maken er de dienst uit. Chinezen mogen er niet wonen en de Chinese overheid heeft er niks te zeggen. De wijk is ommuurd en wordt bewaakt door de militairen van de verschillende Europese landen. De in de wijk gebruikte Westerse architectuur staat in contrast met de Chinese wereld er buiten. Er heerst een gemoedelijke sfeer. Dit verandert drastisch wanneer in 1914 in Europa de Eerste Wereldoorlog uitbreekt. Wantrouwen en vijandschap doen hun intrede.

Het Nederlandse gezantschap in Peking. Het huis rechts van het midden in de ambtswoning van de gezant. Links met de trapgevel is het huis van de commandant van het leger en de tolken. Helemaal links is de kazerne. In de achtergrond zijn de daken van de Verboden Stad te zien. De plek waar eeuwenlang de Chinese keizer woonde.
China is sinds 1911 geen keizerrijk meer, maar een republiek. Het land staat aan de kant van de geallieerden in de Eerste Wereldoorlog. China stuurt duizenden arbeiders naar het front in Frankrijk. De aanwezige Duitse en Oostenrijkse militairen zijn gevangen gezet en alle diplomatieke verhoudingen met die landen verbroken.
Nederland is het enige neutrale land dat een gezant (een soort ambassadeur) in Peking heeft.
Duitsland en Oostenrijk-Hongarije laten hun belangenbehartiging over aan het neutrale Nederland.
De Nederlandse gezant jonkheer Frans Beelaerts van Blokland, krijgt in China heel wat conflicten op zijn bord. Als vertegenwoordiger van het neutrale Nederland moet hij enorm balanceren. Hij behartigt, met tegenwerking van de geallieerden, de belangen van Duitsland en Oostenrijk-Hongarije.
Keizergezinde generaal vraagt asiel aan in Nederlands gezantschap
De internationale chaos wordt compleet wanneer in 1917 buiten de muren van de diplomatenwijk ook nog een poging tot herstel van het keizerschap plaatsvindt. Er volgt een korte, hevige strijd tussen Chinese republikeinse en keizergezinde troepen, met de diplomatenwijk midden in de vuurlinie. Er worden bommen afgeworpen boven de Verboden stad waar de keizerlijke familie nog woont.
Na enkele uren vraagt de keizergezinde generaal Zhang Xun (ook Chang Hsün genoemd), asiel aan in het Nederlandse gezantschap. De Chinezen hebben een prijs op zijn hoofd gezet en de geallieerden zien hem aan voor een Duitse agent.
De Nederlandse neutraliteit betekent dat dat de Nederlandse gezant uiterste diplomatie moet inzetten om alle partijen tevreden te houden en escalatie te voorkomen.
Uiteindelijk verblijft de generaal 1,5 jaar in het gezantschap.

Generaal Zhang Xun tijdens zijn verblijf bij het Nederlandse gezantschap, met twee Nederlandse tolken.

Ook na het aftreden van de keizer in 1912 blijft Zhang Xun de oude titel ‘onderkoning’ voeren. Hij blijft trouw aan de Mantsjoe-dynastie en gebruikt de keizerlijke drakenvlag. Ook blijven de generaal en zijn manschappen hun staart dragen als teken van trouw aan de Mantsjoes.
Vertaalde en ingekorte brief uit juli 1917 van Prins Zhang Xun aan Jhr. Beelaerts van Blokland.

“den 20sten dag van de 5den maand
… De grootste schrik is evenwel veroorzaakt door een vliegtuig dat binnen het terrein van de Verboden Stad, die geen enkel middel van verweer bezit, verscheidene bommen heeft geworpen, met het gevolg dat voorwerpen beschadigd zijn en menschen zijn gewond. Dit is een uiterst gevaarlijke toestand, en wanneer dit nog vaker mocht gebeuren, staat het te vreezen dat niet alleen de Keizerlijke Familie en het Keizerlijk Huis door ondenkbare rampen zullen worden getroffen en dat er zelfs gevaar zal bestaan voor Hun leven, maar bovendien de bevolking van Peking de ernstigste gevolgen hiervan zal ondervinden.
Daarom waag ik het uit naam van de Keizerlijke Familie u eerbiedig te verzoeken dit aan de gezanten van de verschillende mogendheden te willen mededeelen. En een protest te richten tot de betrokken partij, opdat het niet meer zal voorkomen dat dergelijke vliegtuigen boven de stad komen vliegen en naar eigen willekeur bommen werpen.
Zoowel de Keizerlijke Familie als de stad zullen daardoor zeer gebaat zijn.
Complimenten”