In de laatste weken van de Tweede Wereldoorlog brachten de nazi’s een groep van ongeveer 140 prominente gijzelaars samen in Zuid-Tirol, bij het hotel Pragser Wildsee. Deze zogenoemde VIP-gevangenen waren afkomstig uit veertien verschillende concentratiekampen in Duitsland en Oostenrijk. Onder hen bevonden zich voormalige ministers, generaals, geestelijken, verzetshelden, aristocraten en familieleden van mensen die betrokken waren bij de mislukte aanslag op Hitler op 20 juli 1944. De groep was internationaal samengesteld, met personen uit zeventien landen.
De nazi-autoriteiten, en met name de SS, wilden deze belangrijke gijzelaars gebruiken als politiek drukmiddel. Ze hoopten hen te kunnen inzetten als ruilmiddel in onderhandelingen of om hun eigen hachje te redden. Daarom werden de gevangenen eind april 1945 per trein en vrachtwagen naar Zuid-Tirol gebracht, naar het zogenaamde Alpenfestung: het vermeende laatste verdedigingsgebied van het Derde Rijk in de Alpen.

De afgelegde route door het gevangenentransport. Bron: Roger Paulissen, TracesOfWar.com
Eenmaal aangekomen in het bergdorp Niederdorf, nam een groep Duitse Wehrmacht-officieren, onder leiding van kolonel Bogislaw von Bonin (zelf ook een gevangene), het initiatief om de gijzelaars te beschermen tegen de SS. De Wehrmacht geloofde dat de SS van plan was om de VIP-gevangenen te executeren, voordat de geallieerden hen konden bevrijden. Von Bonin slaagde erin om met lokale Wehrmacht-eenheden de SS-bewakers te ontwapenen en de groep in veiligheid te brengen.
De gijzelaars werden ondergebracht in het hotel Pragser Wildsee. Hoewel de omstandigheden nog altijd onzeker waren, was het verblijf in het hotel een verademing vergeleken met de omstandigheden in de concentratiekampen. De plaatselijke bevolking hielp met voedsel en onderdak, ondanks de schaarste in de laatste dagen van de oorlog.
Op 4 mei 1945 arriveerden Amerikaanse troepen van de 85e Infanteriedivisie bij het hotel. De bevrijding was een feit. De gijzelaars waren diep opgelucht en kregen medische zorg, kleding en voedsel. Kort daarna werden ze overgebracht naar veiliger gebieden. Niet-Duitse gijzelaars keerden terug naar hun land van herkomst. Duitse prominenten, zoals oud-minister Hjalmar Schacht, werden tijdelijk vastgehouden en ondervraagd.
De bevrijding van deze groep VIP’s is later gezien als een bijzonder moment in de laatste fase van de oorlog. Het is een zeldzaam voorbeeld van samenwerking tussen Duitse Wehrmacht-soldaten en burgers om gevangenen te redden van de eigen SS. Dankzij de moed van enkele individuen en de snelle komst van de geallieerden konden deze 140 mensen het einde van de oorlog overleven.
Vandaag de dag herinnert een monument bij het hotel in Zuid-Tirol aan dit bijzondere hoofdstuk uit de geschiedenis. De namen van de geredde gijzelaars zijn daarop gegraveerd, zodat hun verhaal niet vergeten wordt.
Kijk op de site van Traces of War voor veel meer informatie en bijbehorende foto´s over de VIP-gevangenen van de SS in de Alpenfestung. Je komt er via de link naar de originele bron.