Vliegtuigwrak Junkers 88

In Nederland begon de Tweede Wereldoorlog op 10 mei 1940. Op die dag vielen de Duitsers Nederland binnen. Er vonden gevechten plaats tussen het Duitse en het Nederlandse leger, onder andere op de Grebbeberg. Hoewel er stevig werd gevochten was het Nederlandse leger uiteindelijk niet opgewassen tegen de Duitse invasiemacht. Op 14 mei werd Rotterdam door de Duitsers gebombardeerd, en een dag later gaf Nederland zich over.

Een Duitse bommenwerper

Nederlandse troepen wisten tijdens de eerste dagen van de oorlog veel Duitse vliegtuigen uit de lucht te schieten. Dit waren onder andere bommenwerpers: vliegtuigen die ontworpen zijn om bommen naar beneden te laten vallen. Op de eerste oorlogsdag voor Nederland, 10 mei 1940, stortte er in Leidsche Rijn een Duitse bommenwerper neer. Het was een Junkers 88 vliegtuig, die onderweg was naar Rotterdam om daar vliegveld Waalhaven aan te vallen.

De ontdekking

In 2001 werd er een melding gedaan aan de gemeente. Degene die de melding deed, had in 1940 het Duitse vliegtuig zien neerstorten op het land van de boerderij waar hij toen woonde. De bommenwerper was door de bewoners van de boerderij bedekt met zand en heeft al die tijd in de grond gelegen. De ooggetuige kon nog precies aanwijzen waar het vliegtuig moest liggen. De opgraving ervan begon precies zeventig jaar nadat het vliegtuig was neergestort, op 10 mei 2010.

Omdat het niet veilig is om zonder training wapens op te graven, werd de opgraving gedaan door specialisten van het Nederlandse leger. Maar er waren wel archeologen bij om de vondsten te kunnen bestuderen. Er werden meer dan 800 vliegtuigonderdelen, restanten van munitie en twee bommen gevonden.

Het is heel bijzonder dat er van een archeologische vondst precies bekend is hoe en wanneer het in de grond is terecht gekomen. De opgraving van de bommenwerper geeft ons veel informatie over hoe het er op de allereerste dag van de Tweede Wereldoorlog aan toe ging.

Advertentie