Willem van Oranje is geschokt over de Beeldenstorm

Brief van Willem van Oranje aan de rentmeester* van Zeeland over de Beeldenstorm en de te nemen maatregelen (24 augustus 1566).

Transcriptie:
Wij houden ghy wel zult hebben verstaen hoe dat dese dagen ende nachten geleden die sectarissen […] hebben inde stadt van Antwerpen berooft ende gepilleert alle die kercken cleyne ende groote, theylich sacrament, altaren, beelden scilderyen ende ander, ornamenten der kercken neder geworpen, gebroken ende ter scande gemaect, tonsen grooten Leetwesen alles In derisie versmadenisse ende groote scandalizatie van onsen heyligen Christen geloove, dienste van god almachtich ende die van onsen heer den Coninck
[…]
welcken wij deshalven […] scryven op haer hoede te zyne ende soe goeden wachte ende ordre te houden dat zoe grooten scandalizatie ende inconvenient niet en gesciede In henlieden kercken cloosteren ende heylige plaetsen

Hertaling:
Wij gaan er vanuit dat je wel gehoord zal hebben hoe de afgelopen dagen en nachten de opstandelingen in Antwerpen alle kerken, klein en groot, beroofd en geplunderd hebben. Ze hebben het heilig sacrament, altaren, schilderijen en andere ornamenten van de kerken neergegooid, gebroken en tot schande gemaakt. Tot onze** grote afschuw hebben ze dit alles gedaan ter bespotting, minachting en grove belediging van ons heilige Christelijke geloof en onze onderwerping aan God en onze heer de koning.
[…]
daarom roepen wij hen (de lokale bestuurders) op om op hun hoede te zijn en zo’n goede wacht en orde te houden dat zo’n grove belediging en verstoring niet plaats zal vinden in hun kerken, kloosters en andere heilige plaatsen.
Willem van Oranje ondertekent de brief met Guille (Frans voor Willem) de Nassau

*Een rentmeester beheert een locatie in afwezigheid van de eigenaar.
**Als edelman verwijst Willem van Oranje naar zichzelf als ‘wij’.

Advertentie